Monthly Archives: January 2018

Slaap kindje slaap

‘Dag Karolien, wil je graag laten weten dat we zondag 14/01 fiere ouders zijn geworden…’

Het smsje komt van een jeugdvriendin, een hartsvriendin. Ik deelde met haar mijn puberjaren. Urenlang en honderduit babbelend over alles wat ons in het leven bezig hield. En dat was toen nogal wat. Schoolstuff, de eerste fuiven, boytroubles (voor haar), een eerste aarzelende coming-out (van mij – die zij op een warme knuffel onthaalde, voor er verder woorden aan gewijd werden), de relaties van onze ouders, Rock Werchters, mijn broers en haar zussen, Boterhammen in het park, teveel witte Martini’s,… Ze heeft een eeuwige plaats in mijn hart en kan mij altijd bellen. Ik ben er.

Ik lees het smsje nog een tweede keer. Blij verrast. Niet omdat ze nog een kindje kreeg. Er kwam zoveel nieuwe liefde in haar leven dat die nog wel eens gedeeld zou worden. Wel omdat ik niet eens wist dat ze zwanger was.

Minstens 9 maanden van haar leven, gewoon gemist. Daar keek ik toch wel van op. Ik vind mezelf niet a-sociaal en toch miste ik dit compleet. What happened?

Toen besefte ik plots: zij zit niet op sociale media. Ik kan haar leven daar niet ‘volgen’. Ik zag er geen zwangerschapsaankondiging, geen bolle buiken, geen eerste schattige babyfoto. Ik ben in slaap gesust door de gedachte dat je via sociale media iedereen volgt.

Quasi dagelijks scrol ik door de levens van vrienden, kennissen en totaal onbekenden. Volgend aan de zijlijn, mee-levend, een duim opstekend of kort reagerend. Ik weet wat ze eten, wie hun lief is, hoe het weer op hun vakantie was, welke zotte uitspraken hun kinderen doen,  hoe goed ze scoren op een of ander testje, met wie ze bevriend zijn die ik ook ken,… Ik ben mee.

Behalve dus met het dagelijks leven van wie niet op sociale media zit, maar mij wel lief is. Daar weet ik niets van, tenzij ik het vraag. En laat die drempel nu net iets hoger liggen, zo zonder sociaal scherm ertussen.

Zo’n scherm maakt minder gelukkig, volgens Adam Alter. We missen er dingen door. Check.

De afspraak voor het live babybezoek met veel bijbabbelen ligt vast. Slaap kindje slaap, maar dan nu voor echt.

 

 

Bron afbeelding: https://www.booksatwork.org/social-connection-lifelong-learning/

Advertisements

Het kleine ontmoeten.

Ik wandelde haar eerst voorbij, met snelle tred en met mijn hoofd bij op tijd thuis zijn om te koken. Het eetuur spraken we immers met de studenten in huis af en die staan op  dit moment op hun timing. Eentje had vandaag een eerste examen en die kon toch niet te laat eten?! Binnen de tien stappen knaagde dat.

Zij was een oudere dame, warm ingeduffeld en met een muts diep over de oren, wandelend met haar kruk richting zebrapad. Dat ging haar duidelijk niet zo makkelijk af. Ze had haar arm in de lucht en wankelde toen ik op mijn stappen terugkeerde.

‘Dag mevrouw, kan ik u een arm geven om over te steken?’

Haar ogen straalden en begonnen te blinken.

‘Ge zijt nen engel!’

Ze haakte in en we schuifelden het zebrapad over de drukke Bondgenotenlaan over.

‘Het is geen pretje, oud worden.’

‘Daar kan ik nog niet over meepraten, maar ik wil u geloven.’

‘Ik ben gevallen en heb een maand in het ziekenhuis gelegen. Ge moet echt genieten terwijl ge nog jong zijt.’

‘Dat doe ik al, maar ik ga het zeker onthouden.’

We bereikten de overzijde.

‘Waar moet u eigenlijk naartoe?’

‘Ik ben met mijn man in de stad geweest, hij is de auto gaan halen in de parking.’ Ze wijst nog een lange straat verder.

In mijn hoofd liet ik timing en besognes over tijdig eten los. Een boterham is even goed, iemand helpen die dat nodig heeft nog beter.

‘Ik wandel wel even met u mee, ik heb tijd.’

‘Echt?’. Ze keek mij verbaasd aan, haar ogen liepen vol. ‘Ge zijt echt nen engel.’

Ze probeerde door te stappen, maar ik maande haar aan het rustig aan te doen. Ze moest zich niet forceren.

‘Doe maar rustig, ik heb tijd. Soms is tijd het mooiste cadeau dat we kunnen geven, niet?’

‘Zijt ge gelovig?’

‘Ik geloof in de goede dingen van het leven, maar ga niet naar de kerk.’

‘Ik ook niet, maar ik bid alle dagen om mijn geloof niet te verliezen.’

Schuifelend door de straat kwam ik te weten dat ze de oudste van 6 kinderen was, haar broer in Canada woont maar jaarlijks nog eens naar België komt. Dat ze kinderloos bleef, maar met haar moeder wel voor haar eigen broers en zussen zorgde. Dat dat maakte dat ze haar studie geneeskunde niet kon verderzetten, maar wel naar sportkot ging in Leuven. Dat ze dat bij nader inzien niet erg vond, bewegen is preventieve geneeskunde en zij kon haar hele loopbaan buiten doorbrengen terwijl dokters vaak in zo’n klein en donker kabinet zitten…

We bereikten onze bestemming. Ik zette haar af op een plekje waar ze kon rusten, tot haar man er was met de auto.

‘Hoe heet ge?’

Ik zei haar mijn naam. Die begreep ze niet goed. Ik herhaalde hem nog eens luid en duidelijk.

‘Ah, Karolien. Het zou fijn zijn u nog eens te ontmoeten.’

‘Als ik u nog eens zie in Leuven, kom ik zeker naar u toe.’

‘Dat moet ge doen.’

Ik vroeg ook naar haar naam en nam afscheid.

‘Dag Hélène!’.

‘Dag engel!’

Ik wandelde weg, op wolkjes. Ik had van ons twee het cadeau gekregen.

 

 

 

 

 

In 2018 ga ik…

Ik ben nieuwsgierig aangelegd. Niet van het soort dat graag alle nieuwtjes over buren, vrienden, familieleden en verre kennissen kent, én deelt. Wel van het type dat zich afvraagt met welk business-model dat café waar ik mijn koffie drink blijft draaien, hoe er aan het station van Leuven ook een veilige manier kan zijn om treinreizigers kiss-and-ride-gewijs met de auto af te zetten, na het zien van een steengoede Netflix serie (The Crown) wat er gebeurt wanneer The Queen overlijdt (London Bridge is down…), dat zich vergaapt aan rekeningen betalen met de gsm (beste uitvinding ever!), aan elektrische auto’s die geen lawaai maken en huisbatterijen om ze op te laden,… Kortom, ik ben nogal breed geïnteresseerd.

Om die interesses dit jaar te voeden, nam ik in mijn jaarplan op om wekelijks een aantal Ted Talks te bekijken. Ik ben al langer fan van de gebalde (en vaak hoogstaande) praatjes van maximaal 20 minuten, maar nam minder vaak de tijd om ze effectief te beluisteren. Die tijd heb ik wel, ik breng hem geregeld wilfend door. Dan kan ik beter iets nuttigs doen, dacht ik zo.

En zo geschiedde.

Zo bekeek ik het praatje van Candy Chang. Zij legt erin uit hoe ze als buurtinitiatief een verlaten gebouw beschilderde met bordverf en de zin ‘voor ik sterf wil ik…’. Het werd een buurt-bucketlist met honderden antwoorden die navolging kreeg in de hele wereld.

Dat inspireerde mij om in de boekentil (een fancy boekenruilkast voor de buurt) op het pleintje boven aan onze straat het volgende te doen:

  • Voor wie dit jaar graag meer wil lezen, hangen er een aantal tips in.
  • Met daaronder een aanvullijst met de stelling ‘in 2018 ga ik…’ om elkaar als buren te inspireren en motiveren met leuke plannen en doelen.

Wat ga jij doen in 2018?

 

 

 

 

Ik maak geen goede voornemens.

Wat deed jij op oudejaarsavond?

Ik kreeg de vraag een aantal keer op Nieuwjaarsdag en ik antwoordde erop, gedeeltelijk.

Ik vertelde dat mijn Lief bijzonder lekker kookte en dat wij rustig samen thuis bleven, met de bangeschrik van een Willy (onze hond) die een hekel heeft aan vuurwerk. Na wat wild geblaf om de knallen te verjagen, installeerde hij zich uiteindelijk tussen ons in in de zetel, met zijn kop in een hoekje gewurmd. Zuchtend, jammerend, pruttelend en knorrend (hij voegde een aantal ongekende geluiden toe aan zijn repertoire), maar verder vrij ok. We moeten beginnen vermoeden dat hij zijn angsten faket, want hij geraakt vaker en vaker in die zetel, de sjarel.

Wat ik niet in mijn verhaal opnam, is dat we onze avond ook terugkijkend en plannend doorbrachten. Ik kon niet goed inschatten hoe mijn gezelschap, dat de avond vooral feestend had doorgebracht, daarop zou reageren.

2017 eindigde voor ons niet fraai met de dood van onze kleine kater Fidel (mijn Lief blogde erover). Het verdriet daarover wierp een donkere schaduw over 2017. We vonden (leve Pinterest!) heel wat vragen om elkaar te stellen die een ander licht wierpen: over wat we leerden, welke trips we maakten, wat ons deed glimlachen, wat gewerkt had en wat niet, waar we anderen geholpen hebben en wat uitdagend was, welke klussen we aanpakten, nieuwe hobby’s die we opnamen… Tenslotte maakten we een tijdslijn die de grootste gebeurtenissen van de voorbije maanden omvatte. Er bleek nog zoveel meer te zijn geweest en het voelde bijzonder en goed om samen even stil te staan en achter ons te kijken.

E(e)n nieuw jaar naderde.

In dit huis doen we niet aan goede voornemens. Meer sporten, gewicht verliezen, sparen voor een verre reis,… Die intenties zijn te makkelijk onder de mat te vegen. Ze zijn vaag, want na die eerste fitness training van 2018 kan je al meer gesport hebben. Erg groots, want zo’n verre reis maak je niet met een paar 100 euro.  En niet instant haalbaar, want kilo’s komen er vaak sneller bij dan dat ze eraf gaan.

In plaats daarvan stelden het Lief en ik in het laatste uur voor 2018 een jaarplan op. Hoe je dat praktisch het best aanpakt, kan je lezen in haar boek (één van die bereikte dingen uit 2017 :-)). In mijn plan staat onder andere: hoe ik goed voor mezelf kan zorgen in het komende jaar en wij samen voor onze relatie, hoe ik een zen-plusmama ga zijn, wat ik ga doen om bij te leren, hoe we een extra stukje wereld gaan verkennen, hoe ik in het leven wil staan en welk engagement ik daarvoor ga opnemen,…

Dat zijn zeker niet allemaal nieuwe dingen. Er staat ook in wat ik al deed, maar waarvoor ik tijd wil blijven maken. Plannen die al op stapel stonden. Dromen die er al waren. Wat je aandacht geeft, groeit.

Dat plan was rond om 1 voor 12. Net op tijd om nog een fles te ontkurken, er een glas bij te nemen en te klinken op een nieuw jaar, vol concrete, haalbare en zin-gevende plannen en doelen. Ze ook delen was op 1 januari nog wat te pril. Ik doe het nu, ik doe het hier.

Veel leesplezier!