Slaapwel, oma

Zondagnacht overleed mijn 96-jarige oma, mijn voormoeder. Bouwjaar 1920 en opgetrokken, of zo leek het de laatste jaren alleszins, uit gewapend beton. Verschillende keren kroop ze door het oog van de medische naald. Ze viel stevig op haar hoofd, brak haar heup, had een longontsteking en een hart dat met steeds minder regelmaat tikte, maar ze  verbaasde telkens alles en iedereen door na een periode van revalidatie weer met haar rollator door de gangen van de home te struinen op haar dagelijkse wandelingen. Aja, ne mens moet toch iets doen.

In het feestgedruis na de klinkende Belgische overwinning tegen de Hongaren muisde ze er stilletjes vanonder. Haar adem waar ze de afgelopen weken omwille van een longontsteking spaarzaam mee omging, blies ze voor het laatst uit. Haar kaars was uit.

Mijn kinderherinneringen zijn die van een kleine lift nemen naar de zesde verdieping (of de trap, nadat we met ons gezin ook eens wat  teveel tijd in die lift doorbrachten) en daar in het appartement aan een donkere, houten tafel zitten, met zicht op de vitrinekast met posturekes.  ‘Das wel dadde’ horen als ik vertelde dat ik een goed rapport had op school, friemelen aan de kanten doekjes op de leuning van de zetel (en die ook netjes moeten terugleggen), vragen of we nog eens met ‘den bak’ mochten dobbelen en schuiven, stiekem ook eens in de andere kamers gaan kijken als ik naar de wc ging in de gang, op haar terras wat dichter naar de reling toe schuifelen en toch eens op je tippen naar beneden durven kijken. Herinneringen aan eten ook, altijd in overvloed. We zagen elkaar in die periode dan ook vooral op momenten dat er iets te vieren was. Dat was dan met ballekes met kriekjes of een vleesbrood, puur gehakt met peper en zout, smeuïge bodding. De oma wist wat lekker was.

De afgelopen jaren, wanneer ik met wat grotere regelmaat op bezoek ging, was er ruimte om haar ook als volwassene wat beter te leren kennen:

  • Bij het voorlezen uit een detective van De Cock met c-o-c-k of het magazine van de home, waarbij we telkens ook de verjaardagen overliepen en ze daarna in haar hoofd bijhield wie ze dan op welke dag proficiat kon wensen. Ze vond het jammer dat ze niet meer jaren met gezonde ogen had om zich aan haar passie voor handwerk, lezen en kruiswoordraadsels te wijden. Ze kon haar nieuwe situatie wel omarmen en ‘las’ nog vele boeken met haar Daisyspeler voor slechtzienden. Ze kon ze allemaal navertellen en reisde in haar hoofd nog naar landen waar ze nooit was geweest.
  • Ze riep mij na met ‘en de groeten aan alleman die ge tegenkomt’, telkens ik vertrok, doelend op o.a. mijn broers die ze wat minder zag. Ze had een warm hart voor de familie en was de spil in dat netwerk. Wanneer ik haar gezien had, wist ik weer wat beter hoe iedereen het stelde. Oma was onze familiale, maar discrete Facebook. Ik ondervond haar mee-leven toen ik haar een paar maanden geleden vertelde over mijn burn-out en zij daarop antwoordde dat ik nu best gewoon elke dag kon nemen ‘zoals em zich presenteert’ en dat ik altijd welkom was bij haar in de home wanneer ik niet wist waar naartoe. Bij ons afscheid, een week voor ze overleed, vroeg ze mij nog hoe het nu met mij ging. Terwijl zij diegene was die op dat moment naar adem moest happen.
  • Vol vuur vertelde ze over haar werk bij de PTT waar ze fiches moest versteken in een bak om mensen met elkaar te laten telefoneren. Hoe ze daarbij opa leerde kennen uit een van de hokjes naast haar, ne schone mansmens. Dat dat een van de enige dingen uit haar leven was waar ze spijt over voelde, dat opa maar 49 mocht worden en dat ze hem zo snel heeft moeten afgeven. En vooral, dat ze daar nooit met elkaar over hadden kunnen praten. Zij wist dat opa zou sterven aan zijn kanker, maar de dokters vonden het beter dat hij dat niet wist. En dus deed ze wat ze dacht dat best was.
  • Oma had een open geest waarmee ze kon luisteren zonder te oordelen. Zo was ze mee blij toen ik haar vertelde over mijn liefdesgeluk, met mijn vriendin. Ik ben haar dankbaar dat ze mij altijd aanvaard heeft zoals ik was, zonder 1 slecht woord, zonder punt of komma. Met diezelfde openheid maakte ze fruitbrochettes tijdens een activiteit in de home, ook al had ze dat nog nooit gedaan, koos ze op het weekmenu voor gerechten die ze niet kende, ging zij als enige wandelen achterin de hof, aanvaardde ze zorgverleners van andere origine en ging ze in tegen het klagen en zagen van sommige medebewoners.
  • Ik heb het haar zelf dan ook nooit horen doen, klagen of zagen, hoeveel redenen ze daar soms ook toe had. In haar laatste weken fluisterde ze mij wel toe dat we altijd gezegd hadden ‘ket en goed’ (kort en goed, als in: als het niet goed met jou gaat, dan mag het snel gaan, dat wenste zij zichzelf en ik haar toe), maar dat het nu niet meer ‘ket’ te noemen was. Toch bleef ze ook op zo’n momenten dank u zeggen voor elk bezoek, warm knuffelen bij het afscheid met nog wat van haar laatste force erin gelegd en mij het allerbeste toewensen voor mijn verdere leven. Het maakte van haar een warme, hartelijke vrouw die graag gezien was, ook door mij.

Ik bewonder mijn oma voor het talent dat ze had om elke dag te nemen zoals die kwam en er een goeie van te maken. Ik hoop dat ik heel wat van haar genen heb geërfd.

Slaapwel, oma. Nog een laatste kruisje op je voorhoofd en een kus erop gedrukt. Vanavond eten we vleesbrood met kriekjes, voor jou.

 

Advertisements

7 thoughts on “Slaapwel, oma

  1. Heel mooi geschreven Karolien, ik denk dat oma toch een heel deel van haar mooie eigenschappen en levenswijsheid heeft kunnen meegeven aan haar kleindochter 🙂
    Dikke knuffel,
    Tinne

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s