Monthly Archives: May 2016

Burn-out blues: de Familieman

Of het goed was dat Raymonde woensdagnamiddag zou langskomen, vroeg de vrouw aan de telefoon.  Ze liet in het bericht dat ze naliet wat in het midden of ik moest terugbellen om te bevestigen of dat ok was, dan wel of mijn stilzwijgen deze afspraak zou vastleggen. Zo’n niet-helemaal-duidelijke boodschap voelt voor mij op dit moment al aan als gedoe, want vraagt een actie van mij en dus energie-waar-het-mij-aan-ontbreekt, maar het bezoek van Raymonde is mij wel wat waard. Ik bel dus terug en bevestig dat woensdag voor mij ok is.

Sinds vorige week ben ik immers zorgvrager. Dat is als zorger-van-nature niet zo makkelijk, toegeven dat je zelf-zorg kan gebruiken en die ook vragen. En aan wie dan? Het Lief weet ook al hoe haar tandvlees smaakt, de kinderen zetten zich al zo goed in via de takenlijst en iedereen die wat verder van je afstaat, wil je er niet mee belasten, voelt zo drukbezet…

Goeie vriendinnenlijke raad zette op weg richting Familiehulp en hun Gezinszorg. Twee dagen na aanmelding zit ‘MarleenvanFamiliehulp’ al aan onze keukentafel. Ze beluistert mij, vraagt niet meer dan nodig en licht toe wat kan. De tranen springen bijna in mijn ogen bij het beluisteren van haar arsenaal aan mogelijkheden. Wat een onverwacht fijn gevoel dat een extra setje handen de mijne op een paar punten kan vervangen in ons huishouden. Het helpt mij ontspannen te weten dat ik op die manier ons systeem ontlast en ik koop er mij de mentale en fysieke vrijheid mee om in te zetten op de rust die ik zo nodig heb.

Vanmiddag gaat de bel en krijg ik meteen een draai rond mijn anders zo genderbewuste oren. Raymonde blijkt van de mannelijke kunne en dus gewoon Raymond. Ik ging er al te makkelijk van uit dat een vrouw zou komen zorgen. Als feministe iets om mij diep voor te schamen. Hoera voor de roldoorbrekende aanpak van Familiehulp!

Raymond polst bezorgd hoe het met mij gaat. Ik geef aan dat het de ene dag beter gaat dan de andere en dat vandaag tot hiertoe een vrij goeie dag is. Vervolgens vraag hij waarmee hij vandaag dan kan helpen? Als ik nog even het aanrecht wil schoonmaken voor het koken dat we van hem verlangen, maant hij mij aan daarmee te stoppen. Dat zal hij wel even doen, daarvoor is hij er toch immers?

Vier uur later is mijn dag nog steeds goed, de zalm en aardappelen voor het avondeten staan klaar, mét een vinaigrette voor de accompagnerende salade, er zijn twee grote ketels spaghettisaus gemaakt voor morgen en de diepvries, de helft van onze strijk is gedaan en ik had in tussentijd een deugddoend gesprek met een vriendin die mij uitnodigde om in haar tuin te komen ontspannen.

Wat een Familieman, die Raymond.

 

 

 

 

Burn-out blues: elke dag nemen zoals em zich presenteert

Op een doordeweekse dinsdagnamiddag ga ik even naar mijn 96-jarige oma in het rusthuis. Ik zou het Lief oppikken aan haar werk en heb vooraf nog wat tijd te doden.

Ik vind de oma in de zitruimte, klaar voor een korte voetenmassage die veel deugd doet. Wanneer haar geoliede voeten terug in haar pantoffels zitten, schuifelen we samen naar haar kamer om nog wat te praten.

  • ‘Hebt ge vakantie?’ Vraagt ze mij plots, omdat ik er pal in de namiddag ben.
  • ‘Neen oma, ik ben op dit moment thuis, in ziekteverlof.’
  • ‘Oei?
  • ‘Ik zie er niet ziek uit, ik weet het, maar ik heb wat ze noemen een burn-out.’
  • ‘Een wat?‘ De oma hoort niet meer zoals toen ze 20 was.
  • ‘Een burn-out.’
  • ‘Ah zo, dat moet lastig zijn.’
  • ‘Het is inderdaad niet zo gemakkelijk. Ik kan er geen pilletje voor nemen. Ik moet nu eerst proberen om veel te rusten.’
  • Ze denkt even na. Weet ge, het heeft niet veel zin om dan achteruit of vooruit te kijken. Ge kunt nu best gewoon elken dag nemen zoals em zich presenteert. (denk hierbij haar licht Brussels accent)
  • Ik lach vertederd om dit eenvoudige, maar o-zo-rake levensadvies van mijn voormoeder. Ik denk dat je gelijk hebt, oma.  

Bij het afscheid aan de lift geven we elkaar onze gebruikelijke, warme knuffel. Ze pakt mij wat steviger vast dan anders. ‘Als ge niet meer weet waar naartoe, moogt ge altijd naar hier komen.’