Monthly Archives: October 2013

Uitdaging 12, voor het eerst naar een privé-kunstcollectie (5/12)

Door vriendin Laure mee op sleeptouw genomen bezochten we de Verbeke Foundation in Kemzeke. Een privé-kunstcollectie. En wel de meest eigenaardige die ik ooit zag…

De collectie legt een focus op Bio Art, kunst met levende planten en dieren en dat leverde op z’n zachtst gezegd soms bijzondere taferelen op van iets wat ooit leefde en nu ontbond, industriële serres waar het onderscheid tussen wat wel en wat niet tot de tentoonstelling behoorde moeilijk te maken was, opstellingen die moeilijk te plaatsen waren en dies meer…

Er waren ook wel mooie (lees: meer begrijpbare) dingen te zien, vooral bij de grote en permanente stukken buiten en de locatie was in z’n geheel absoluut groots en fantastisch. Daarenboven was de cafetaria er bijzonder geschikt om iets lekkers te drinken en bij te praten.

Al bij al ideaal dus en uiterst geschikt voor een speciaal uitje. 🙂

Advertisements

Uitdaging 10 (2/6) + 21 (13/30) : terug naar de zomer! – twee vliegen in één klap…

Het is intussen oktober, ik weet het, maar voor uitdaging 10 keer ik toch nog even met heel veel plezier terug naar de zomer. Ik schreef er nog niet meer over dan dat ik er zwom in de zeestraat tussen Denemarken en Zweden (voor waterliefhebbers als ik is het voldoende te weten dat Denemarken 7314 kilometer kustlijn heeft om verloren te zijn), maar ik ging eind augustus met vakantie naar Kopenhagen.

Om kort te zijn: dat was absoluut fantastisch! Kopenhagen is een schitterende stad en ik liet er een stukje van mijn hart achter. Niet alleen omwille van de stad zelf en de dingen die er te zien zijn, maar ook omwille van de Denen en hun ingesteldheid (‘er is niet zoiets als slecht weer, er is alleen onaangepaste kledij’).

Daarover las ik meer in het boek ‘How to be Danish’ van Patrick Kingsley (het is een aanrader om dit boek te lezen voor je gaat!).

6a00e5521f4a688834017c32f60779970b-800wi

Hij heeft het daarin over het culturele hart van de Deense samenleving.

– Over het onderwijsmodel (met Grundtvig als grondlegger) dat meer inzet op ‘gevormd’ worden als persoon, dan op overdracht van kennis. Op samenwerken en je steentje bijdragen aan de maatschappij (26% van kinderen tussen 7 en 14 jaar oud hebben een part-time jobje). Op jezelf blijven vormen als persoon en echt levenslang blijven bijleren en daarvoor openstaan. Iets waar ik zelf ook heel erg in geloof.

– Over de in 2004 ingezette ‘nordic food revolution’ met het gelauwerde restaurant Noma aan de top. Een cultuuromslag in het produceren, benutten en denken over eten lag aan de basis van dit succes. Waar Denemarken vroeger vooral inzette op export en daardoor zijn voedselstandaarden voor de binnenlandse markt verlaagde, worden nu topproducten afgeleverd met bijvoorbeeld fantastische bakkerijen waar je likkebaardend langsloopt op heel wat verschillende plekken in de stad. Je kan er echt heerlijk eten, zowel ‘s morgens, ‘s middags (Smorrebrod!) als ‘s avonds, en er worden heel verfijnde dingen gemaakt, zowel in een café als in een restaurant.

– Over het Deense design DNA waarbij minder echt meer is. Overal waar je kijkt zie je mooie vormen, fantastische designobjecten en -gebouwen. Er is een grote drang naar en gevoel voor esthetiek. Een eervolle vermelding moet absoluut gaan naar het Louisiana museum voor moderne kunst. Een pareltje in Haelmebaek aan de kust. Een half uurtje treinen vanuit Kopenhagen.

– Over de welvaartsstaat die Denemarken is. Dat maakt het een duur land om naartoe te reizen (de taksen en belastingen zijn er een heel stuk hoger dan bij ons). Het helpt wel dat je op z’n minst het gevoel krijgt dat de staat dat geld waarover het beschikt goed inzet. De universiteit is kosteloos en studenten krijgen zelfs een klein ‘leefloon’, het openbaar vervoer is wijd vertakt, stipt en netjes, 96% van de kinderen tussen 3 en 5 gaan naar een kinderopvang die gesubsidieerd is door de staat en als gevolg daarvan zijn 74% van de Deense moeders aan het werk, er wordt stevig ingezet op groene energie en het streven naar CO² neutraliteit,… Wat uit het boek ook bleef hangen is dat de loonspanning in Denemarken laag gehouden wordt. Een vuilnisman verdient gemiddeld 34.400 kronen, een advocaat 54.700 kronen. Dat maakt ook dat de ene niet letterlijk zoveel meer waard is dan de andere.

– Over de evidentie van de fiets. In Kopenhagen (en bij uitbreiding Denemarken, want het netwerk is wijd vertakt) wordt overal gefietst en echt door iedereen. Dat maakt het ook uniek. Mensen zijn er bijvoorbeeld niet op gekleed om met de fiets door de stad te rijden, ze zijn gekleed volgens datgene waar ze naartoe gaan en de fiets is enkel het vervoermiddel om hen op de snelst mogelijke manier van A naar B te brengen. Je ziet dus ook mensen fietsen in kostuum of mantelpakje. De fiets is koning en dat uit zich in de winter blijkbaar bijvoorbeeld doordat de fietspaden eerst sneeuwvrij worden gemaakt en pas daarna de autowegen.

– En dan heb ik het nog niet eens gehad over de meest recente Deense exportproducten zoals The Killing (Sarah Lund breipatronen in de wolwinkel), The Bridge (ik heb ze gezien, jawel), Borgen (op de trappen van de Burcht gestaan),…

Alles waarover Patrick Kingsley het in het boek heeft is voelbaar op straat, in winkels, in wijken,… Denen lijken alvast op een of andere manier een no-nonsense volkje dat uitgaat van de kracht en het goede in mensen en dat sprak mij ontzettend aan. Een dik uur vliegen vanuit Brussel, Europees en westers en toch zo ontzettend anders. Een echte cultuurschok was het uiteraard niet, maar wel een ongelofelijke verrijking. Ik heb er dubbel en dik van genoten en dat doe ik nu nog…

Uitdaging 24: notendip en pompoenstoofpotje (27-28/52)

Bij een vriendinnenavond hoort lekker eten. Yes! Ik kookte opnieuw uit ‘Veg!’ en dat was dit keer een uitdaging, want de 3 bezoekers hebben (wegens gedeelde succeservaringen) ook allemaal het kookboek en ik wilde toch nog proberen om hen te verrassen.

Alleszins, als je het lekker én gezond wil houden, zijn groentjes met dipsauzen een goede start van de avond!

IMAG1112

 

2 van de dipsauzen probeerde ik al eens eerder uit (pikante yoghurtdip en wortelpesto), maar een derde was nieuw, Taratorsaus. Een rijke walnotensaus met knoflook.

Ingrediënten: 100g walnoten of blanke amandelen, 2 sneden witbrood zonder korstjes (want daarvan krijg je…), 1 dikke teen geperst knoflook, 150ml olijfolie, sap van halve citroen, zeezout en versgemalen zwarte peper, paprikapoeder voor de finishing touch.

Bereiding:

– Verwarm de oven voor op 180°. Leg de noten op een bakplaat en rooster ze ongeveer 5 minuten, waarbij je ze halverwege eens opschudt. Laat afkoelen.

– Week het brood 2 minuten in ruim water en knijp er dan het meeste water uit.

– Doe de noten en knoflook in een keukenmachine en zet deze aan tot ze vrij klein gemalen zijn. Voeg het brood toe en laat de machine draaien tot je een vrij gladde saus hebt. Voeg de olijfolie in een dunne straal toe terwijl je de motor laat draaien (tip: doe het eerst een beetje voorzichtig, want er kan wat gespat aan te pas komen). Doe uiteindelijk het citroensap erbij en breng op smaak met zout en peper. Schep in een schaaltje en strooi er wat paprikapoeder overheen.

 

Het hoofdgerecht dat ik daarna serveerde was een stoofpotje met pompoen. Dat kon ik rustig laten sudderen terwijl ik mee genoot van een aperitiefje, dus dat was ook ideaal. Er zijn heel wat ingrediënten voor nodig, maar de kruidige mengeling was overheerlijk en stond in het kookboek onder de rubriek ‘troosteten’. Dat kan alleen maar goeds betekenen…

Ingrediënten: 2el zonnebloemolie, 2 grote ajuinen in blokjes, 2 teentjes fijngesneden knoflook, 1 stengel fijngesneden selder, 1 tl versgemalen zwarte peper, 1 tl kurkuma, 1/2tl kaneel, 1/2tl gemberpoeder, 100g rode linzen, 400g afgegoten en afgespoelde kikkererwten uit blik, 8 geroosterde en fijngemalen saffraandraadjes, 500ml tomatensaus of passata, flinke handvol grof gesneden peterselie, grote bos grofgesneden koriander, 300g pompoen, 1,2l groentenbouillon, 1 laurierblad, 50g orzo (Griekse pasta), dadels voor erbij.

Bereiding:

– Verhit de olie op een middelhoog vuur in een grote pan. Voeg de ajuin toe en bak tot deze net goud begint te kleuren. Draai het vuur dan wat lager en doe de knoflook, selder, peper, kurkuma, kaneel en gember erbij. Bak een paar minuten mee.

– Voeg nu de linzen, kikkererwten, saffraan, tomatensaus, peterselie en ongeveer de helft van de koriander toe. Laat op een laag vuur 15 minuten koken.

– Schil intussen de pompoen (of doe dat dus vooraf, zodat je mee kan aperitieven) en verwijder de zaden. Snijd ze in grove stukken. Doe ze in de pan, samen met de groentenbouillon (die ik zelf maakte, wat er volgens mijn tafelgenoten zwaar over ging!) en het laurierblad. Doe er een deksel op en laat een halfuurtje zacht koken. Voeg dan de pasta toe en kook het mengsel nog tot die gaar is. Breng op smaak met zout en peper.

– Dien meteen op, bestrooid met de rest van de koriander en met een paar dadels erbij, als je dat lekker vindt.

Het eten was op voor ik nog dacht aan een foto, maar hieronder hoe het eruitziet in het kookboek. Jummie!

Afbeelding20

Uitdaging 3: op naar mijn 2.0 versie

‘s Avonds gezwind staan koken en ‘omdat we toch bezig zijn’ een verse groentesoep maken en met voorbedachten rade een eitje koken. ‘s morgens rond dat ei nog een slaatje maken en lekkere boterhammetjes smeren. Vooraf al gezorgd hebben dat ik wat voorraaddingen, verse groentjes, brood en beleg in huis heb…

Wie is die vrouw in mij en waarom vond ik haar niet eerder? Het is alleszins een fijne kennismaking en het voelt goed om te evolueren naar een versie 2.0 van mezelf waar ik ook de komende 30 jaar mee verder kan. Mijn riem sluit intussen 2 gaatjes kleiner en het wordt stilaan tijd voor nieuwe broeken. De oude gaan resoluut de deur uit. Ik laat geen achterpoortjes open om nog naar terug te kunnen. Er is geen heimwee.

l-carnitine

Uitdaging 1: verwond in de les houtbewerking!

Ok, overstatement van het jaar, ik geef toe.

Maar mijn vingers kwamen dit keer toch niet geheel ongehavend uit de strijd met het hout.

 

 

Afbeelding19

 

Daarnaast sloeg ik ook (gelukkig niet te hard) met een hamer op mijn duim.

Gelukkig niet met diegene die we nu als werkstuk aan het maken zijn, dat is immers een klepper van formaat! Hij is nog niet klaar, dus volgende week werk ik eraan verder.

Vorige week miste ik een les, want moest werken ‘s avonds, maar ik kwam er deze week achter dat het een tweede theorieles betrof. Gezien mijn vorige blogpost daarover, niets gemist dus :-).  Elk nadeel heb z’n voordeel…

 

 

Uitdaging 3: het ontdekken van verstopte lichaamsdelen

Hoe staat het met het kwalitatiever worden van mijn lijf? (ik ga er gemakshalve vanuit dat wanneer de kwantiteit afneemt, de kwaliteit toeneemt :-)).

Wel, vrij goed eigenlijk. Welke principes ik daarbij volg, doe ik in een later blogbericht nog wel eens uit de doeken, maar wat ik nu wel al wil delen is dat ik stilaan verstopte lichaamsdelen herontdek en dat dat een grappig procedé is.

– Plots je ribben afgetekend voelen.

– Beseffen dat ook ik heupbeenderen heb.

– Naar jezelf kijken in de spiegel en plots sleutelbeenderen zien.

– Kaakbeenderen voelen uitsteken als je je tanden op elkaar zet.

Vermageren is zo ook geleidelijk aan kennismaken met een nieuwe zelf.

Je mag nooit vragen aan een vrouw hoeveel ze weegt, daarom vertel ik het gewoon zelf. De teller stond in het verleden ooit op 105kg en toen was het schaamrood op mijn wangen zo prominent aanwezig dat ik er iets aan deed. De afgelopen jaren bleef mijn gewicht hoog in de 90, zo ook bij de start van deze blog.

Nu passeerde ik al de

IMAG1060

 

om de afgelopen week onder de 85kg te belanden.

Ik ben nu dus al zo’n 20kg lichter sinds het zwaarste dat ik ooit heb gewogen en kan met fierheid zeggen dat dat heel erg fijn voelt…